Het Betere Werk: vragen naar het begin
22 augustus 2026
Rozalie Hirs schuift bij deze editie aan
Tijdens Het Betere Werk bespreken de deelnemers een recente bundel uit het aanbod van Lunchpauze Poëzie*) of een onlangs bekroond bundel. Op 22 augustus van 14.00 tot 16.00 uur staat de bundel vragen naar het begin van Rozalie Hirs centraal. Het is de negende bundel van deze dichter bij Uitgeverij Querido. Haar bundel ecologica (2023, Uitgeverij Vleugels) werd bekroond met de Jan Campertprijs.
Wie zich aanmeldt voor deelname aan Het Betere Werk via [email protected] ontvangt ter voorbereiding een week van tevoren een digitaal dossier. Ook is de bundel voor deelnemers te raadplegen en aan te schaffen in het PcN. Vraag ernaar bij de balie. Het Betere Werk wordt begeleid door gespreksleiders Wim van Til en Hannie Massuger. Zij verzorgen ook het dossier ter voorbereiding van de bespreking.
Rozalie Hirs (1965) is een Nederlandse dichter en componist, bekend om haar innovatieve benadering van taal en geluid. Ze studeerde compositie aan prestigieuze instellingen, waaronder het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en Columbia University. In 1992 publiceerde ze voor het eerst poëzie in literair tijdschrift De Revisor. Sindsdien is haar werk verschenen in diverse Nederlandse, Belgische en Duitse literaire tijdschriften, zoals De Gids, Tirade, Poëziekrant en Akzente. Ze publiceerde negen bundels in het Nederlands, waarvan er zes ook in andere talen zijn vertaald.
Hirs’ poëzie kenmerkt zich door vloeiende klankstructuren en een open syntaxis, waardoor meerdere betekenislagen ontstaan. In ecologica verkent Hirs de kwetsbaarheid van de natuur en de klimaatcrisis, waarbij ze bedreigde diersoorten en ecosystemen beschrijft zonder cynisme, maar met verwondering en liefde voor de taal. Ze beschouwt taal als een ecologisch systeem dat zorg en aandacht vereist. Hirs creëert regelmatig interdisciplinair werk voor apps of museuminstallaties, waarbij zij samenwerkt met beeldend kunstenaars en ontwerpers. Hirs’ multidisciplinaire benadering en haar vermogen om poëzie en wetenschap met elkaar te verweven maken haar tot een unieke stem in het hedendaagse poëzielandschap. (Poetry International)
zet de tijd
de hemel staalt mijn ballonnen in de wind
als mama een emmer met water vult
en de hond te drinken geeft die wortel heet
even mager is als ik en natuurlijk oranje
als de sinaasappel die ik eet op dit uur
een stille zon bewondert het azuur
zo koortsig spreek ik met alle dieren
op het plafond bezweer de woorden
tot beter worden dan alweer het zweet
uitbreekt maar ik dit alles nog niet weet
••
het bevlogene van de boerenzwaluw
daar is het bevlogene van de zwaluw weer
precies goed voor wie dit doet
niet te zuinig ook betekenis gegeven
aan beweging vorm en inhoud al voorbij
het doel krijg je het lenige vergeleken
met de onmetelijke als onvergetelijke
taal het stilaan voor het zeggen heeft
het letterlijke al vol regen staat
Rozalie Hirs (1965)
uit: vragen naar het begin, Querido, 2026
“Vragen naar het begin van Rozalie Hirs is mijn favoriete dichtbundel van dit jaar. Ze laat er in zien dat je ook over heel abstracte zaken – zoals de werkelijkheid, en de taal, en de relatie tussen taal en werkelijkheid, kunt dichten en wel op zo’n manier dat het mooi is. De schoonheid van de kunst wordt hier gecombineerd met die van de wiskunde, op de manier waarop Wittgenstein dat deed voor de filosofie.”
“Rozalie Hirs is een dichter die alles inzet voor haar werk: haar gedachten, haar taalgevoel, haar gevoel voor ritme, haar fascinatie voor helderheid van denken, haar zorgen over en liefde voor deze wereld. Ze heeft al een stapel mooie bundels geschreven, maar met vragen naar het begin heeft ze zichzelf wat mij betreft overtroffen.” (Marc van Oostendorp, Neerlandistiek, 5 juli 2026)
meer informatie